STORYLINE

De avondlucht hing zwaar als een onzichtbaar juk boven het Rijk Vederia. Het was alsof de hemel zelf aanvoelde dat er iets mis was; zelfs de vogels waren stilgevallen. In Wingsum bewogen de inwoners zich haastiger dan normaal over het dorpsplein, kragen opgetrokken tegen een kilheid die niet alleen van de wind leek te komen. Blikken werden vermeden. Stemmen bleven gedempt.

Er hing iets in de lucht.

De wind streek door de hoge bomen langs de rand van het dorp en liet hun kruinen fluisteren—zacht, maar met een ondertoon die het bloed deed stollen. Even later droeg diezelfde wind een ander geluid mee … Pistoolschoten; Kort. Scherp. Onmiskenbaar.

Zijn dat schietoefeningen… of het begin van iets ergers?

Sergeant-majoor Tok’Shar IJzerklauw van DREIG hoorde de schoten vaag toen hij het bordes van het gemeentehuis van Wingsum betrad. Een rilling trok langs zijn ruggengraat, maar hij drukte het gevoel weg. Er was geen tijd voor twijfel. Burgemeester Roosthelm TheRed en zijn vrouw Henvarra stonden al bij de deur. Haar handen trilden, maar nauwelijks zichtbaar toen ze hem binnenliet. De spanning was tastbaar. Ze wisten het al … Dit bezoek bracht slecht nieuws. In het kleine, benauwde kantoor wachtte Eelan Staartveer, afgevaardigde van de COD. Zijn blik was strak, zijn houding gespannen. “We gaan evacueren,” zei hij zonder omweg. De woorden vielen als lood. Tok’Shar haalde langzaam adem. “De situatie in het Rijk Vederia is uiterst instabiel” vervolgde Eelan, de veiligheid voor de inwoners van Wingsum kan niet langer worden gegarandeerd.” “Het is slechts tijdelijk,” voegde Eelan eraan toe.

Niemand in de kamer leek hem te geloven.

De familie Gallinor

In de oude apotheek, inmiddels omgebouwd tot een warme maar eenvoudige woning, zat de familie Gallinor dicht bij elkaar rond de radio. Aviaron—de stem van Vederia—kraakte door de kamer. Het nieuws werd verstoord door storingen, maar de kern van de boodschap kwam onverbiddelijk door: Evacuatie. “We gaan nergens heen”; De stem van Daan Gallinor was laag, maar vastberaden. “Dit is ons huis. Onze grond. Onze geschiedenis. Ik laat me niet verjagen.” Hennie keek hem aan, haar handen ineengevouwen. “Daan… er worden groepen gezien in de omgeving. Mensen die geen regels meer kennen. Wegen zijn geblokkeerd. Boerderijen… in het oosten zijn er al twee afgebrand.” Haar stem brak bijna op het laatste woord.

Aan de andere kant van de kamer leunde Simon tegen de muur, armen over elkaar. Zijn blik was scherp, bijna uitdagend. “Verzet,” zei hij. “Dat zijn geen plunderaars. Dat zijn mensen die nog vechten.” Hij duwde zich af van de muur. “En ik ga me bij hen aansluiten.” De stilte die volgde was zwaarder dan elk geweerschot. “Jij blijft hier,” zei Daan, hard en kort. Simon keek hem aan—recht, zonder aarzeling. De beslissing was al gevallen.

“Ik—”

Het geluid van de deurbel verhoogde de opgelopen spanningen. Simon draaide zich om en keek door het raam naar buiten…

In een kleine accommodatie aan de rand van het dorp, verscholen tussen bomen, de schaduw en stilte, zat Ubel Hoen gebogen over een tafel vol oude en nieuwe kaarten van Rijk Vederia. Het licht van een enkele lamp tekende scherpe lijnen over zijn gezicht. Hij luisterde naar dezelfde uitzending van de lokale radio als de familie Gallinor, ook hij hoorde “evacuatie”. Zijn kaak spande zich.

“Een dekmantel,” zei hij langzaam. “Niets meer dan dat. De lokale autoriteiten trekken zich terug en laten dit gebied over aan de Centrale Overheidsdienst.” Hij keek op naar twee mannen tegenover hem … “maar wij niet!”. Zijn vinger tikte op één van de kaarten. “Maak je klaar voor wat er komen gaat, maar eerst krijgen we vanavond bezoek. Een rekruut.” Een korte stilte …  “Simon. Die jonge vent uit de oude apotheek.”

Toen Tok’Shar het gemeentehuis verliet, brak het geluid van motoren de stilte van het plein. Een zwarte sedan gleed naar voren, begeleid door motorrijders van het Corps Militaire Politie. De deuren gingen open. Twee mannen stapten uit—zakelijk, doelgericht. “Sergeant-majoor IJzerklauw,” zei één van hen. “Wij zijn van de COD, is de heer Elan Veer nog in het gemeentehuis?.”

Tok’Shar knikte kort. “We zijn een diplomaat kwijt,” vervolgde de man. “Eyrathen Trouser. Sinds gisterenmiddag vermist. Laatst gezien in het westelijke deel van Vederia.” Tok’Shar fronste licht. “Wat deed hij hier?” De man hield zijn blik vast: “Dat hopen wij van u te horen, U wordt toegevoegd aan het onderzoek waarvan de leiding ligt bij majoor Adrian Veer van het CMP.” Militaire politie … dacht Tok’Shar … hij voelde hoe iets in hem verstrakte. De man deed een stap dichterbij. “En nog iets…” Zijn stem zakte, maar kreeg meer gewicht, “En met hem, zijn er documenten verdwenen. Belangrijke documenten.” Een korte stilte.

“Niets is wat het lijkt, sergeant-majoor.”

Tok’Shar verliet het plein met versnelde pas. De woorden bleven malen. Evacuatie. Vermissing. Geheimen. Te veel, te snel. Bijna automatisch liep hij richting de oude apotheek in het midden van het dorp. Binnen zag hij het meteen: spanning, rauw en onverbloemd. Simon stond tegenover zijn ouders, schijnbaar midden in een strijd die geen winnaar zou kennen. Tok’Shar drukte op de bel.

Simon keek op het geluid van de deurbel om … hun blikken kruisten elkaar—en in dat ene moment voelde Tok’Shar het. Dit was niet langer de jongen die hij kende. Er zat iets anders in zijn ogen van die jongen, vastberadenheid… en afstand. Een fractie later bewoog Simon al. Een slaande deur, voetstappen … dan stilte. Tok’Shar draaide zijn hoofd, net op tijd om te zien hoe Simon op zijn brommer sprong en de straat uit schoot, de invallende duisternis tegemoet. Hennie opende de voordeur. “Hij is veranderd,” fluisterde ze. “Hij praat over verzet… over verdedigen”, ze keek Tok’Shar aan, zoekend naar houvast, “Maar waarvan? Waartegen?” Tok’Shar had geen antwoord. Wat hij wél wist, was erger. Wat er nu begon, zou niemand meer loslaten. Niet Daan en Hennie. Niet Simon. Niet de mensen van Wingsum. En zeker niet de groep waar Simon nu naartoe reed. De lijnen waren getrokken. De eerste scheuren zichtbaar. En ergens, in de schaduw van alles wat nog moest komen, groeide iets groters., iets duisters.

 

Die nacht vond niemand rust in Wingsum.

Praktische informatie

Wat? Airsoft Operaties Nederland: Operatie Chicken Coop (MilSim)
Wie? NABV
Voor wie? Enkel NABV-leden zijn toegestaan, geen introducés
Waar? Balls & Arrows Emmeloord
Wanneer? 25, 26 en 27 september (doorlopend evenement)
Kosten: €150,- waarvan €100,- borg (word na de MilSim teruggestort)
Voor dit bedrag krijg je een parkeerplaats, unieke limited edition patch en een weekend vol acteurs, props, doorlopende verhaallijn en meer!

Je kunt je enkel per persoon inschrijven, dus niet voor een volledig team. Deze dienen zich allemaal apart in te schrijven!

Heb je nog vragen? Bijvoorbeeld wat een Milsim precies inhoud? Neem dan contact op via s.kooistra@nabv.nl

Ordersamenvatting